De pluimveesector werkt al jaren aan een reductie van het antibioticagebruik. Voornaamste reden daarvan is resistentie te voorkomen bij mens en dier. Erik de Jonge is beleidsadviseur antibiotica bij AVINED en Bart Janssen is pluimveehouder. Zij vertellen over het beleid en de acties die in de sector leiden tot minder antibioticagebruik.

Erik de Jonge vertelt dat er sinds 2009 reductieprogramma’s en bewustwordingsacties zijn ontwikkeld en uitgevoerd. “Vanaf dat moment zette een dalende lijn in het antibioticagebruik in en deze duurt nog steeds voort. We zitten nu op een reductie van maar liefst 72 procent ten opzichte van 2009.

Een recente ontwikkeling die daaraan bijdraagt is dat er naast reguliere kuikens nu ook conceptkuikens zijn. Deze groeien trager en er zitten minder kuikens in een hok. De conceptkuikens zijn ‘ontstaan’ uit eisen van de supermarkten die duurzamere kippen willen.”

Het antibioticagebruik bij deze kuikens ligt beduidend lager dan bij reguliere kuikens. “Door de tragere groei en meer ruimte, zijn ze minder vaak ziek. Doordat er steeds meer conceptkuikens komen, daalt het antibiotica percentage snel.”

Maatregelen

De Jonge vertelt dat pluimveebedrijven ingedeeld worden naar antibioticagebruik. “Elk bedrijf krijgt elk kwartaal een terugkoppeling van hoeveel en welke soort antibiotica is gebruikt. Elk half jaar wordt het gebruik beoordeeld; groen, oranje of rood. Een ‘rood’ bedrijf is dan verplicht om samen met hun dierenarts maatregelen te nemen.

Een ‘oranje’ bedrijf moet ook overleggen met de dierenarts over de hoeveelheid antibioticum, maar het is iets vrijblijvender. Is een bedrijf drie keer achter elkaar rood, dan is men verplicht een externe adviseur in de arm te nemen om het antibiotica gebruik terug te dringen.”

Dierenwelzijn staat voorop

De Jonge merkt op dat de perceptie op antibiotica is veranderd door bewustwording. “Bij de dierenartsen, maar ook natuurlijk binnen de bedrijven zelf. Gezondheidsprogramma’s en beter management bij de bedrijven zorgden al voor een flinke daling.

Bewustwording heeft gezorgd voor een andere perceptie op antibiotica.

Conceptkuikens en innovaties in de sector zijn de volgende stap. Het doel is zo min mogelijk antibiotica te gebruiken, maar dat mag nooit ten koste van dierenwelzijn en diergezondheid gaan. Een ziek dier moet gewoon behandeld kunnen worden.

Nederland loopt volgens de Jonge voorop met het antibiotica beleid in Europa. “De Scandinavische landen zijn er ver mee, maar de zuidelijke en oostelijke landen nog niet. Nederland is door de EU uitgeroepen als ‘best practice’ op dit gebied.

Minder antibiotica door anders te werken

Bart Janssen is vleeskuikenhouder in Drenthe en houdt zich ook bezig met het terugdringen van antibiotica in zijn stallen. “Een goede stap was enige jaren geleden al om over te stappen naar een systeem waarbij broedeieren een paar dagen vóór het uitkomen al hier in de stal zijn.

Dat bespaart de eendagskuikens veel vervoerstress en daardoor zijn ze direct sterker bij het uitkomen van het ei. Aangezien de kuikens direct toegang hebben tot voer en water maken ze een gezondere start. Nog een belangrijke factor; doordat ze op een droge bodem staan, komt voetzoollaesies niet meer voor en dat bespaart op zich al veel antibiotica.”

Kritische markt

Janssen stelt dat voeding een belangrijke rol speelt. “Door voortschrijdend inzicht wordt dit ook steeds verbeterd. Voeding, gemaakt met goede grondstoffen geeft geen problemen in de darmen. Het kippenvlees in de Nederlandse supermarkten is allemaal langzaam groeiende kip. Het conceptkuiken is niet gemanipuleerd.

Nederland is uniek, hier ligt geen regulier kippenvlees meer in de supermarkt.

Het is gewoon een ander, minder snel groeiend ras dat van zichzelf al sterker is. Dat kuiken heeft daglicht en ze hebben meer ruimte. Ruim dertig procent van de Nederlandse kippen wordt op deze manier gehouden en is bestemd voor de supermarkten. De andere zeventig procent kip gaat in snacks en wordt geëxporteerd.

Nederland heeft wat dat betreft een unieke situatie; hier ligt geen regulier kippenvlees meer in de supermarkt omdat de vraag naar ander en beter vlees hier gecreëerd is. Het is de keus van de vleeskuikenboer hoe hij produceert.

Ik ben trots op de manier waarop ik het doe; voedsel produceren voor een kritische markt waarbij diergezondheid en voedselveiligheid een belangrijke rol spelen én tegelijkertijd het antibioticagebruik flink laat afnemen.”