“Centraal staat dat kalfsvlees op een volstrekt verantwoorde en maatschappelijk geaccepteerde wijze geproduceerd moet zijn. Iedereen in de keten, van kalverhouder tot slachterij, is zich van deze grote verantwoordelijkheid bewust. De Stichting Kwaliteitsgarantie Vleeskalversector (SKV) neemt daartoe monsters en voert visuele controles uit. Onze nieuwe Stichting Branche-organisatie Kalversector onderstreept dat graag.” Het vlees uit de Nederlandse kalfsvleessector is ook qua samenstelling verantwoord. “Er wordt voor de wereldmarkt geproduceerd en de pakweg 1800 kalverhouders weten dat het grootste deel van het Nederlandse kalfsvlees wordt geëxporteerd. Behalve de Europese markt zijn ook andere continenten steeds belangrijker als afzetgebied. Volgens mij gaat het Nederlandse kalfsvlees op dit moment zelfs naar meer dan zestig verschillende landen en daarmee zijn we leidend op de wereldmarkt. Dat lukt niet als aan het houden van de dieren niet de allerhoogste eisen worden gesteld en het product van topniveau is.”

Verantwoorde productie

“Het begint met de aanvoer van gezonde kalveren uit vooral de melkveehouderij binnen Europa. En omdat de sector hecht aan gezonde en robuuste dieren is er veel aandacht voor de kwaliteit van het voer. Tegelijkertijd wordt het gebruik van geneesmiddelen als antibiotica tot een minimum beperkt, dit is de afgelopen jaren al met meer dan 50 procent teruggebracht. Deze ‘Dutch approach’ geldt inmiddels voor veel landen als voorbeeld.” Er wordt in de kalversector volop geïnvesteerd in innovatieve ontwikkelingen. “Hier worden kalveren in groepen gehouden, maar dat is elders in de wereld bepaald anders. Nederland is in veel opzichten voorloper en wil dat ook blijven. Denk ook aan de wijze van transport. De welzijnseisen zijn hoog en ik verwacht dat binnen afzienbare tijd alle kalveren ‘comfort class’ worden vervoerd. Daarmee is deze sector een voorbeeld voor andere sectoren.”

Luisteren naar maatschappelijke organisaties

“We zijn niet bang om bij beleidsvorming naar maatschappelijke organisaties te luisteren. De dierenbescherming is daarvan een goed voorbeeld. De manier waarop in Nederland kalveren worden gehouden, heeft met de inbreng van deze organisatie te maken. Bovendien, we hebben te maken met Europese regels en daar moet je in principe niet van afwijken. We zijn ook actief deelnemer aan de Round Table Sustainable Production en hebben soms dagelijks contact en overleg met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit of met de EFSA, de Europese autoriteit.”

Toekomstbeeld

“In algemene zin ziet de toekomst van de kalversector er goed uit. De vraag naar dierlijke eiwitten blijft de komende jaren stijgen. Waar we vooral op moeten letten, is dat in de Europese Unie de lidstaten hun ondernemers met vergelijkbare wensen en eisen confronteren. Dat is cruciaal voor de internationale concurrentiepositie. Bovendien moeten we ervoor waken dat nergens zogenaamde ‘free-riders’ een kans krijgen. Op dit moment kan het Productschap nog ingrijpen. Na 1 januari verandert dat en moet die bevoegdheid naar een branche- of producentenorganisatie. In de kalversector zal dat de SBK zijn. Als ook dat goed geregeld wordt, maak ik mij geen zorgen over de toekomst.”