“Monocultuur ontstond om hogere opbrengsten te behalen en het gewas zo efficiënt mogelijk te verzorgen; een noodzaak om als landbouwer te overleven", vertelt prof.dr.ir. Eldert J. van Henten van de Farm Technology Group, Universiteit Wageningen.

"In zo’n situatie krijgt het hele veld dezelfde behandeling, zoals gewasbescherming, water en kunstmest. Om redenen van efficiëntie, wordt die behandeling ook door steeds zwaardere machines uitgevoerd. Precisielandbouw gaat door technologische ontwikkelingen terug naar wat het beste is voor elke individuele plant of plantengroep.

Zo is het mogelijk om per plant de waterafgifte te regelen, gewasbescherming in te zetten en de groei in de gaten te houden.” Van Henten vertelt waarom dat belangrijk is: “Zo effectief, lokaal en precies mogelijk watergeven, gewasbescherming toepassen en bijmesten is duurzaam, kosteneffectief en goed voor het milieu.

Het scheelt nogal of een boer een heel veld moet sproeien of slechts enkele planten op dat veld.” Bijkomend voordeel van robotisering vindt van Henten dat er geen zware machines meer nodig zijn, zodat verdichting van de grond tot het verleden gaat behoren.

Robotisering om groeiende vraag naar voedsel te realiseren

Robotisering speelt volgens van Henten een steeds grotere rol binnen de land en akkerbouw. “Het aantal mensen dat in de landbouw wil werken, neemt sterk af. Buitenstaanders hebben een romantisch beeld bij het boerenbestaan; lekker bezig in en met de natuur. De realiteit is anders.

De marges op producten zijn minimaal, het is een keihard bestaan en jongeren kiezen liever voor een gemakkelijker broodwinning. Dat geldt niet alleen voor potentiele opvolgers, maar ook voor werknemers. Daardoor neemt het aantal bedrijven sterk af en de overblijvers groeien.

Als er echter geen personeel te krijgen is, maakt dat de groei weer lastig. Robotisering is dan een oplossing. Om voldoende kwaliteitsvoedsel te blijven produceren en aan de stijgende vraag naar grondstoffen - zoals vezels - te voldoen komt er een zware vraag op de landbouw te liggen, zegt van Henten.

“Steeds minder mensen zijn beschikbaar om meer mensen te voeden en te voorzien. Wereldwijd is er bijvoorbeeld ook een toenemend tekort aan schoon water en de meststof fosfaat. Technologie en robotisering zijn onontbeerlijk om aan de stijgende vraag naar voedsel en andere producten te kunnen voldoen.”

 

Foto: Paprika plukmachine

 

Kennis als exportproduct

Nederland heeft hoogwaardige landbouw en veel technologische kennis. “De hele wereld kijkt naar ons. Die kennis is inmiddels een exportproduct geworden, we spelen mee in de top.” In de top blijven, gaat volgens van Henten niet vanzelf. “Daar moet je hard aan werken, want als je indut is er direct achterstand.

Het is belangrijk om de kennisinfrastructuur op orde te houden. Er is verbetering mogelijk én nodig in het doorstromen van onderzoekskennis van bijvoorbeeld hightech instellingen via Wageningen Universiteit en Dienst Landbouw Onderzoek naar betrokken partijen in de praktijk.

Daarnaast moet Nederland blijven investeren in onderzoek. Dat ligt wel vast in het topsectorenbeleid, maar het bedrijfsleven heeft vaak slechts een korte termijnbelang van één tot drie jaar. Daar redden we het niet mee. Er is visie en financiering nodig voor de lange termijn, minstens tien jaar vooruit.”

Andere teeltsystemen

Van Henten verwacht voor de toekomst interessante ontwikkelingen. “Robotisering biedt ons de mogelijkheid om op een andere manier over landbouw na te gaan denken. Door robotisering voorzie ik dat andere teeltsysteem op zullen komen; bijvoorbeeld meer terug naar de diversiteit van de natuur. Verschillende gewassen naast elkaar in rijen (intercropping) of zelfs ‘patching’: diverse gewassen in velden op een akker.”