“De opvatting heerst dat we intensiever hulpmiddelen per product zijn gaan gebruiken in de agrarische sector, maar dat is onjuist”, vertelt Prof. dr. in. Rudy Rabbinge, emeritus Universiteitshoogleraar Duurzame Ontwikkeling en Voedselzekerheid aan Wageningen UR. “De inzet van hulpmiddelen is sinds 1990 in relatieve termen gedaald. Dat is onder andere gebeurd op grond van best technical means, dus de inzet van de beste mechanische hulpmiddelen. Er wordt bijvoorbeeld veelvuldig gebruik gemaakt van tractoren die zijn uitgerust met een GPS systeem dat ervoor zorgt dat bemesting alleen wordt toegepast op plaatsen en in hoeveelheden waar dat nodig is. In de melkveehouderij zijn grote slagen gemaakt op het gebied van precisie: we kunnen volgen hoe de koe zich gedraagt en meten zaken als het celgetal in de melk. Daarmee kunnen we het gebruik van antibiotica en andere medicijnen verminderen.”

Natuurlijke vijanden en betere gronden

Ook op het terrein van best ecological means hebben de ontwikkelingen die bijdragen aan voedselzekerheid en duurzaamheid niet stil gestaan. Zo wordt de biologische bestrijding, dus het gebruik van natuurlijke vijanden, op steeds grotere schaal toegepast. In kassen worden bij de productie van tomaten in Nederland op deze manier geen pesticiden meer gebruikt. Daarnaast zijn allerlei natuurlijke bestrijdingsmiddelen ontwikkeld, gebaseerd op kennis en inzichten van plantenveredeling zoals het creëren van resistente rassen, maar ook met inzichten uit epidemiologie en populatiedynamica. Rabbinge: “Toch moet het chemisch bestrijdingsproduct niet helemaal worden geweerd, het kan als laatste redmiddel nodig zijn.”
Een ander gevolg dat het gebruik van pesticiden sterk reduceert en de verontreiniging met nitraat en broeikasgassen minimaliseert, is de concentratie van de agrarische productie op de betere gronden. Al sinds de vroege jaren ’90 is duidelijk dat productie op goede gronden in Europa kan leiden tot een vermindering van chemische middelen met 80 procent. Bovendien komt er zo veel grond vrij voor de natuur.

Komen tot structurele oplossingen

“Waar we voor moeten waken is dat we verstrikt raken in dogmatische ideologische opvattingen”, aldus Rabbinge. “Biologische landbouw bijvoorbeeld is door het ontbreken van pesticiden, kunstmest en GMO’s, niet beter voor het milieu of de gezondheid. Men wordt alleen gelukkiger van het idee en dat is op zich heel waardevol. Voor de voedselzekerheid is het geen goede ontwikkeling. Blinde intensivering van de landbouw daarentegen is ook niet de weg naar voedselzekerheid, laat staan duurzaamheid. De combinatie van best technical means en best ecological means leidt tot structurele oplossingen op het gebied van voedselzekerheid en duurzaamheid. Dat vraagt om nauwere samenwerking tussen de wetenschap en het bedrijfsleven.”