“Supermarkten zijn nog steeds de belangrijkste etalages van boeren en tuinders. Elk product begint bij de boer, en de supermarkt is de laatste schakel in de keten voordat het bij de consument belandt.” Maat stelt dat producten ook rechtstreeks bij de consument kunnen komen, via bijvoorbeeld een boerderijwinkel, maar dat er meestal een coöperatie of particuliere onderneming tussen zit. “Ik vind wel dat hoe korter de keten is, hoe beter dat is. Veel schakels tussen producent en consument vertroebelen het zicht op de prijs. LTO is voorstander van nauwere samenwerkingen in de keten. Op het gebied van duurzaamheid en dierenwelzijn staat de Nederlandse land- en tuinbouw wereldwijd op nummer één. De kosten voor die duurzaamheid en dierenwelzijn worden door de producent  gemaakt.”

Schadelijke prijsverhoging

Maat neemt de ‘Kip van Morgen’ als voorbeeld. “LTO had met ketenpartijen en supermarkten afspraken gemaakt over de prijs van duurzamer kip: die kip zou een nog beter leven krijgen en in ruil daarvoor zou de opbrengstprijs voor de boer wat hoger worden. De ACM torpedeerde dat plan echter en vond dat een prijsverhoging schadelijk zou zijn voor de consument en vond ook de vooruitgang van het dierenwelzijn te klein. Hierbij speelt slechts één doel: de laagste prijs voor de consument. Dat is een achterhaalde gedachte omdat zelfs de politiek al stelt dat duurzamer voedsel belangrijker is dan alleen een lage prijs.”

Duurzamer werken

Ook op andere fronten werden er afspraken gemaakt met supermarkten. “Weidegang voor koeien en meer welzijn voor varkens bijvoorbeeld. Onze aangesloten bedrijven vinden het hun taak om steeds duurzamer te produceren. Het is onze taak om de inkomenspositie van boeren en tuinders tegelijk te verbeteren. Aan duurzamer werken hangt nu eenmaal een prijskaartje, en geeft uiteindelijk ook een sterkere positie in de markt.” De Sociaal Economische Raad stelt dat elke schakel in de keten mede verantwoordelijk is voor wat er in die keten gebeurt. Ook minister Kamp (Economische Zaken) heeft aangegeven dat ‘duurzaam’ een integraal onderdeel dient te worden van mededingingswetgeving. “Hij kan de strikte regelgeving van de ACM aanpassen. Er is daarvoor voldoende draagkracht binnen de politiek en in het bedrijfsleven. Wat ons betreft moet Den Haag tempo gaan maken want in het nieuwe Europese landbouwbeleid worden wél mogelijkheden opgenomen om de samenwerking aan te gaan en dus prijsafspraken te maken met supermarkten.”
Maat ziet in de toekomst steeds meer initiatieven ontstaan om de consument dichter bij de producent te krijgen. “Nu al organiseren bedrijven open dagen, ook vaak in samenwerking met supermarkten. De supermarkt blijft de grootste afzetmogelijkheid voor de producten.”