Emmo Meijer
Bestuursvoorzitter TIFN.

Het jaarlijkse onderzoeksbudget is ongeveer 25 miljoen euro, bedoeld om de kennisinfrastructuur in specifieke onderzoekthema's verder te versterken en de concurrentiepositie van de participerende bedrijven te verbeteren. Het zijn niet alleen Nederlandse bedrijven die hierin participeren, negen buitenlandse bedrijven zijn ook betrokken bij de onderzoeken.

TIFN heeft een belangrijke functie binnen de voedingsindustrie vanwege het zicht dat wordt geboden op de grote dynamiek in wetenschappelijk onderzoek. “Wetenschappelijk onderzoek is nooit klaar en de kosten zijn hoog, té hoog voor private bedrijven alleen. Daarom is er binnen TIFN een thematische samenwerking van bedrijven met universiteiten en kennisinstituten als TNOen NIZO.” Bestuursvoorzitter Professor Dr. Emmo Meijer stelt dat de onderzoeken altijd een combinatie vormen van industriële relevantie en wetenschappelijke excellentie. “Omdat de onderzoeken vraag gestuurd zijn en de basiskennis gedeeld wordt, kunnen de bedrijven daar verder mee aan de slag om de onderzoeksuitkomsten te vertalen naar nieuwe producten of het aanpassen van bestaande producten en processen."

Veranderende financiering

Doordat de subsidievoorwaarden veranderen, staat de werkwijze van TIFN onder druk. “Als Topinstituut moeten we onze bewezen effectieve werkwijze kunnen handhaven, dat is niet alleen in het belang van de bedrijven, maar zeker ook van de consument en dus de samenleving. De nieuwe positionering binnen de Topsector Agri&Food moet daar recht aan doen". De Agri&Food sector is één van de grootste sectoren in Nederland. “Voor wat betreft kennis staat deze sector absoluut aan de top. Het is niet voor niets dat grote buitenlandse voedingsmiddelenfabrikanten vestigingen in Nederland openen.” Wetenschappelijk onderzoek en investeringen daarin staan volgens Meijer echter niet hoog op de politieke agenda. “Kijk als benchmark naar Duitsland, Finland en Denemarken waar men ongeacht de crisis gewoon is blijven investeren in kennis en onderzoek. Daar begrijpt men beter dat elke euro investering later veel meer euro opbrengt. Ik mis dat besef in de Nederlandse politiek.”

Gevolgen op langere termijn

Niet voldoende investeren in wetenschappelijk onderzoek heeft volgens Meijer grote gevolgen die pas op langere termijn zichtbaar worden. “De effecten ervan zien we pas over tien tot vijftien jaar en dan duurt het nog eens tien tot vijftien jaar voordat de ‘achterstand’ weer is ingelopen. Zo ver moeten we het niet laten komen”. TIFN doet veel onderzoek ter verbetering van de kwaliteit van voeding. Daarbij valt te denken aan voeding die minder vet, -zout en -suiker bevat, onder andere in het kader van hart- en vaatziekten. “Een andere wetenschappelijke studie onderzoekt hoe voeding de samenstelling van darmflora kan beïnvloeden, voor zowel bedrijven als wetenschappers momenteel een 'hot’ topic. Daarnaast zijn voedselveiligheid, duurzaamheid en structureren van voedsel belangrijke onderzoeksthema’s.